STICHTING DEKEN VAN MIERT PENNING

Maatschappelijk verantwoord ondernemen is een begrip geworden, maar was en is geen vanzelfsprekendheid. Stichting Deken van Miert Penning neemt de maat en kent een tweeledige doelstelling: het dienen van maatschappelijke goede doelen en op zoek gaan naar de ‘iconen’ van Veghel. Dit zijn personen en organisaties die unieke betekenis gaven of geven aan de Veghelse gemeenschap. Zij namen of nemen een unieke verantwoordelijkheid op sociaal-maatschappelijk en economisch gebied. Deze iconen eren we met de tweejaarlijkse uitreiking van de Deken van Miert Penning.

Het toekennen van de eer en de uitreiking van de penning vindt plaats tijdens een uniek Deken van Miert Penning Gala. Een economisch en maatschappelijk geëngageerd event van, voor en door Veghel. De opbrengst zal worden bestemd aan een lokaal belangrijk maatschappelijk doel.

VEGHEL: EEN KORT HISTORISCH PERSPECTIEF

Veghel, "… een groot en bloeiend handelsdorp, het schoonste van Peelland, liggende zeer vermakelijk aan rivier de Aa …", aldus het Aardrijkskundig Woordenboek in het begin van de 19e eeuw.

In vele opzichten een belangrijke eeuw voor de ontwikkeling van ons Veghel. Mede door de aansluiting op de Zuid-Willemsvaart, de aanleg van een eigen binnenhaven in 1825 en de komst van een spoorweg werd Veghel nog meer een strategisch gelegen centrum voor handel, industrie en nijverheid. Daarbij beschikte juist de gemeente Veghel over een opmerkelijk gunstige arbeidsmoraal en vele bereidwillige en samenwerkende handen.

WIE WAS DEKEN VAN MIERT?

Die onstuimige 19e-eeuwse ontwikkeling had echter ook haar sociaal-maatschappelijke gevolgen. De deken pastoor Bernardinus Johannes van Miert (1801-1870) onderkende de noodzaak voor goede zorg en onderwijs voor de Veghelse bevolking. Hij vroeg de bisschop om hulp in de vorm van een aantal zusters en richtte in 1844 de Congregatie der Franciscanessen op. Daarmee staat deken Van Miert aan de basis van de georganiseerde zorg voor zieken en hulpbehoevenden en van het basisonderwijs in Veghel.

In de daaropvolgende ‘rijke roomse’ jaren steeg zijn kerkelijke loopbaan in aanzien. Van Miert werd benoemd tot deken van het district Helmond, geheim kamerheer van Z.H. paus Pius IX en kanunnik van de Sint-Jan in Den Bosch. Voor Veghel nam hij architect Pierre Cuijpers in de arm voor de bouw van de nieuwe Sint-Lambertuskerk in 1858, ‘mijn kathedraal’, zoals Van Miert het noemde.

Dit alles heeft deken Van Miert er nooit toe gebracht om Veghel te verlaten. Hij stierf er op 2 juni 1870 en bij zijn dood werd hij ‘De eer en glorie van Veghel’ genoemd omdat hij zoveel voor Veghel heeft betekend. Deken Van Miert mag met recht een historisch ‘icoon’ van en voor Veghel worden genoemd.